Spring naar content

Klagen in crisistijd

Publicatiedatum: 27 mei 2020

Het kerkelijke werk is hard geraakt door de maatregelen tegen het Coronavirus. Als ik dit schrijf ziet het er naar uit dat kerkelijke samenkomsten nog lange tijd met beperkingen te maken zullen hebben. Voor de missionaire samenkomsten die we organiseren en ondersteunen vormt dit een ernstige inperking.

Mensen met wie je nog nauwelijks een band hebt opgebouwd, of die je nog wilt uitnodigen, krijg je moeilijker bij een digitale ontmoeting dan gemeenteleden die al decennia aan een kerk verbonden zijn.

Toch zijn we dankbaar dat we ondanks de beperkingen met veel mensen goed contact konden onderhouden én dat we via de digitale kanalen van sociale media, YouTube en online-bijeenkomsten ook nieuwe mensen leerden kennen. Misschien moeten we er rekening mee houden dat we de komende jaren vaker en langer met beperkingen vanwege gevaarlijke virussen moeten leven en dat we ons werk met het oog daarop blijvend moeten aanpassen. Als het volk Israël in de ballingschap 70 jaar lang zonder tempel het geloof in God moest hervinden, zou het kunnen zijn dat wij nu als kerk wereldwijd voor een opgave staan die een beetje daaraan doet denken. Misschien, maar we doen er als samenleving alles aan om dit virus de baas te worden en het leven weer naar onze hand te kunnen zetten. Als dat lukt, zal de Coronacrisis door de meeste mensen waarschijnlijk opmerkelijk snel weer vergeten worden.

Hoe reageren we op een crisis als deze? In de Koran zijn profeten brave voorbeeld-gelovigen die elke beproeving begrijpen en probleemloos doorstaan. In de Bijbel komen we heel anders de twijfels, het zoeken, de worstelingen en het falen van mensen tegen, ook bij profeten. De profeten begrijpen de weg van God niet en klagen Hem aan. Tim Keller wees deze weken op de profeet Habakuk. ‘HERE, hoelang roep ik om hulp en luistert U niet?….Waarom moet ik dit kwaad meemaken’, klaagt Habakuk, ‘bent U dan niet de eeuwige heilige God?’ (Habakuk 1:2,3,12). Habakuk strekt zich in zijn klagen echter wel uit naar God om te kunnen zien wat God hem wil laten zien (2:1). Hij roept op om God te verwachten, in het geloof dat God op zijn tijd zeker zal antwoorden en uitkomst zal geven.

Op Zijn tijd. Die ‘vertraging’ is kenmerkend voor de Bijbelse geschiedenis. God handelt vaak heel anders dan wij denken dat Hij zou moeten doen. Gods volk moet heel lang wachten op de beloofde Messias en als Hij komt is dat heel anders dan iemand ook maar gedacht had. Opnieuw vraagt Jezus geduld, volharding en uitzien naar zijn tweede komst (Handelingen 1:4-8). Tot die tijd moeten we erop vertrouwen dat onze geschiedenis in zijn hand ligt.

Klagen mag dus ten tijde van een crisis, zolang het maar met verwachting gebeurt en met trouwe toewijding aan de taak die Christus ons vandaag geeft om te doen: Getuige zijn met de hulp van de Heilige Geest. Als de gebouwen waar we samenkomen slecht geventileerd worden, moeten we daar iets aan doen. Als we geen massale bijeenkomsten meer kunnen houden, moeten we investeren in het werken met kleinere groepen en effectief omgaan met digitale middelen. Maar we doen het met Messiaanse verwachting; ons leven ligt immers in de hand van Christus. Zijn koninkrijk breekt door op Zijn tijd.

Cees Rentier
directeur

Cees Rentier (OR 139)
Scroll naar boven